Burn-out is voor watjes?

Deze uitspraak is afkomstig van de harde consciëntieuze werker met een hoog arbeidsethos. Van degene met de lange adem, de doorzetter, degene die ver over zijn eigen grenzen gaat bij het bereiken van zijn doelen. ‘Ik een burn-out? nooit!’ Dat hij het mis heeft blijkt pas…

als, cynisch genoeg, de burn-out juist hem treft. Watjes krijgen geen burn-out, zij lopen altijd op halve kracht en maken zich nooit moe. Ze bereiken ook niet veel maar dat zal ze een zorg zijn.

Wat is een burn-out?

Een burn-out is geen modeverschijnsel, maar een extreme vorm van langdurige psychische vermoeidheid ten gevolge van het uitgevoerde werk. In tegenstelling tot overspannenheid is dit geen tijdelijke klacht, maar een langdurige of zelfs chronische aandoening.

Wie krijgt een burn-out?

Je loopt een verhoogd risico op een burn-out als je:

  • zeer consciëntieus bent, niet tevreden met een zesje
  • een groot gevoel voor eigen verantwoordelijkheid hebt
  • een (te) groot doorzettingsvermogen hebt, veel te lang doorgaat op de lege band
  • perfectionisme bent, veeleisend voor jezelf
  • een (te) sterke betrokkenheid bij het werk hebt. Je bént je werk, het werk is jouw identiteit. Dit is vaak zo bij artsen (iemand ís arts, het is zijn identiteit) en anderen die met mensen werken. Het probleem is: als je met je werk stopt ben je ‘niks’ meer voor je gevoel.
  • je hebt een grote bevlogenheid en toewijding.
  • moeilijk om hulp kunt vragen, je bent een einzelgänger
  • slecht ‘nee’ kunt zeggen
  • niet goed je gevoelens kunt uiten

Symptomen

Burn-out kent drie (groepen van) symptomen:

1 Emotionele uitputting die zich uit in ernstige vermoeidheid. Dit gaat gepaard met concentratieverlies en vergeetachtigheid.

2 Depersonalisatie. Dit uit zich in afstandelijkheid (een beschermingsmechanisme tegen nog meer emotionele uitputting) en een cynische houding.

3 Verminderd vertrouwen in je eigen bekwaamheid, je twijfelt of je jouw vak nog goed uit kunt voeren.

Sluipend begin

Een burn-out overkomt je niet van de ene op de andere dag, degenen aan een burn-out lijden, erkennen achteraf vaak dat het al jaren speelde. Paradoxaal genoeg laat de burn-out zich ondanks dit lange voortraject slecht herkennen. Dit komt door het sluipende begin, de algemeenheid van de klachten én de persoonlijkheid van degene die het treft, hij negeert zijn klachten.

Draagkracht en draaglast

Wat er in wezen gebeurt bij een burn-out is dat de draaglast (de hoeveelheid werk of de zwaarte daarvan) jouw draagkracht te boven gaat waardoor al je reserves uitgeput worden. Je wordt steeds meer moe. Eerst kan een avond vrij je weer opladen, dan is dat niet meer genoeg en heb je een heel weekend nodig en nog later een week vakantie (als je die al neemt). Tenslotte ben je nooit meer echt energiek.

Zelfhulp

Wat je kunt doen om een dreigende burn-out te voorkomen is:

De bovengenoemde signalen herkennen én erkennen als je er door een ander op gewezen wordt. Mensen in je omgeving zien de veranderingen bij jou vaak in een veel eerder stadium!

Steun zoeken, ook weer een moeilijk punt gezien jouw enorme behoefte aan autonomie. Bovendien zal je de werkdruk drastisch moeten verlagen. Met jouw persoonlijkheid lijkt dit ondoenlijk, ontspannen is jou haast vreemd en je nogmaals, je bent ervan overtuigt dat de burn-out jou niet zal treffen. Is de burn-out echter eenmaal een feit, dan helpen deze maatregelen niet meer, dan is al je energie al op en zal je professionele hulp moeten zoeken.

Nooit meer dezelfde

Je denkt uiteraard nog dat jij wel zonder kan en er met een jaartje weer bovenop bent. Helaas, juist de grootste doorzetters gaan het verst over hun grenzen en herstellen het moeilijkst. Met professionele hulp leer je bewust te ontspannen, delegeren als je dat nog niet kunt en leer je ‘afstandelijke betrokkenheid’ zoals dat in de zorg heet. Een goede balans tussen betrokkenheid en het bewaren van afstand tot je cliënten.

Je leert ook dat je ‘nooit meer De Oude’ wordt, maar dat is in dit geval een goede zaak.

 

Vind je deze blog interessant? Dan graag delen!